Baanatletiek
Iedere maandag, donderdag en zaterdag kunnen de junioren en senioren meedoen met baantrainingen. Deze training zijn bedoeld om specifieke atletiekonderdelen te beoefenen zoals sprinten, verspringen, hoogspringen, etc.
Na de baantraining kan gebruik gemaakt worden van de kleedruimtes incl. douches in het hoofdgebouw van sportpark Terwaerden.
Weekschema
| Dag | Tijdstip | Locatie |
| Maandag | 19:00 – 20:30 | Park Ter Waerden |
| Donderdag | 19:00 – 20:30 | Park Ter Waerden |
| Zaterdag | 10:00 – 11:30 | Park Ter Waerden |
Baanatletiek onderdelen
Sprinten
Bij het sprinten moet er worden gestart uit een startblok. De meest gelopen sprintafstanden zijn 40m, 60m, 80m, 100m, 200m en 400m.
Middenlange afstand (Mila)
De middenlange afstanden combineren snelheid met uithoudingsvermogen. Atleten moeten hun tempo goed verdelen en vaak komt tactiek in de laatste ronde sterk naar voren.
Hoogspringen
Atleten proberen een lat op steeds grotere hoogte te passeren met een sprong. Dit vereist snelheid in de aanloop, explosieve sprongkracht en precieze techniek bij het over de lat gaan.
Kogelslingeren
Een zware metalen kogel aan een staalkabel met handvat wordt rondgeslingerd en ver weg gegooid. Dit vereist explosieve kracht, een stabiele draaitechniek en goede controle.
Verspringen
Bij het verspringen is het doel om zover mogelijk in de springbak te springen. De gesprongen afstand wordt gemeten.
Estafette
Estafettes zijn teamsprints waarbij snelheid en samenwerking samenkomen. De stokwissel is cruciaal en kan het verschil maken tussen winst of verlies.
Polsstokhoogspringen
Met behulp van een lange polsstok katapulteren atleten zichzelf over een hoge lat.
Kogelstoten
Atleten stoten een zware metalen kogel zo ver mogelijk weg vanuit een cirkel. Het vraagt brute kracht, explosiviteit en een strakke techniek om maximale afstand te behalen.
Speerwerpen
Atleten werpen een speer na een aanloop zo ver mogelijk het veld in. Het combineert snelheid in de aanloop met een krachtige en technisch correcte werpbeweging.
Hordenlopen
Bij hordenlopen moet de atleet tijdens het lopen van een bepaalde afstand een aantal keer over een zogenaamde “horde” springen. Een horde is een hekje dat op de loopbaan van iedere atleet staat.
Meerkamp
De meerkamp is de ultieme test van veelzijdigheid in de atletiek. Atleten doen meerdere loop-, spring- en werponderdelen en verzamelen punten per discipline.
Hink-stap-springen
Een variatie op het verspringen waarbij de atleet een hink, stap en sprong achter elkaar uitvoert.
Discuswerpen
Een platte discus wordt met een draai uit een cirkel weggeslingerd. Het onderdeel vraagt een combinatie van snelheid, balans en timing.